De bekende Eerste Openluchtschool in Amsterdam, ontworpen door Jan Duiker (1930) en voor vele scholen een belangrijk voorbeeld, voldeed in 2022 niet langer aan de eisen van hedendaags en passend onderwijs. Extra ruimte voor individuele begeleiding, creatieve ontplooiing en opslag voor onder meer buitenspeelgoed was nodig voor de school.
Om deze nieuwe functies mogelijk te maken, is de media- en bibliotheekfunctie uit het hoofdgebouw verplaatst. Hierdoor ontstond in het monumentale gebouw ruimte voor een nieuw lokaal voor beeldende vorming en projectmatig werken. De benodigde uitbreidingen zijn zorgvuldig gepositioneerd aan de achterzijde van de school, op de plek waar Duiker oorspronkelijk schooltuintjes had ingetekend. Het schoolplein blijft daardoor maximaal bruikbaar en de configuratie van het rijksmonument zoveel mogelijk intact.
De nieuwe volumes vormen onderdeel van de groene rand rondom het schoolplein. Met hun houten gevels en groene daken voegen zij zich vanzelfsprekend in de omgeving. Tegelijkertijd richten de grote ramen zich expliciet op het monumentale hoofdgebouw, waardoor oud en nieuw met elkaar in dialoog staan. Tussen de uitbreidingen en de bestaande school ontstaan twee driehoekige pleintjes met nieuwe entrees.
De westelijke uitbreiding, met buitenberging en bibliotheek, ligt nabij de entree van het hoofdgebouw en de dynamiek van het schoolplein. De oostelijke uitbreiding bevindt zich juist in de luwte achter de gymzaal en biedt rust en privacy aan een grote en twee kleinere gespreksruimtes.
De uitbreidingen zijn gerealiseerd in een duurzaam, circulair en flexibel houten bouwsysteem. Alleen de fundering is uitgevoerd in beton; dankzij de lichte houtconstructie kon worden gebouwd zonder heipalen. Het casco bestaat uit houtskeletbouwwanden met een houten dakconstructie. Binnenwanden zijn deels demontabel ontworpen, zodat de plattegrond in de toekomst eenvoudig aangepast kan worden. Zo kan de berging worden getransformeerd tot spreekruimte of kantoor, terwijl de huidige spreekruimtes samen één grotere ruimte kunnen vormen.
De installaties zijn bewust beperkt gehouden tot verwarming, ventilatie en elektra/data. Pantry en sanitair blijven ondergebracht in het bestaande gebouw. Daarnaast zijn de uitbreidingen twee treden verdiept aangelegd, waardoor het bouwvolume vanuit de omliggende tuinen bescheidener oogt.
Door de combinatie van overeenkomsten — in hoofdvormen, schaal en kleur — en contrasten in materialen ontstaat een nieuw ensemble waarin oud en nieuw elkaar versterken. Een eigentijdse toevoeging die de monumentale waarden van Duikers icoon respecteert en tegelijkertijd ruimte biedt aan toekomstgericht onderwijs.